Close Menu
Spoed? Bel 06 55 37 00 00 Op spoednummer geen APP/SMS (doorgeschakeld)
Geen spoed? Bel dan tijdens spreekuur
Ma t/m vr van 8.00 - 9.00 uur: 0252-534340

Zandonderzoek

 

ZANDONDERZOEK BIJ HET PAARD

We merken in gesprekken met paardeneigenaren dat er nog wel eens wat onduidelijkheid rondom het onderwerp “zand” is.

"Mijn paard heeft geen last van zand, want er zat geen zand in haar mest."

"Ik geef mijn paard iedere dag een extra theelepel psyllium".

Als we op internet op dit onderwerp gaan zoeken, begrijpen we gelijk waar deze onduidelijkheden vandaan komen! Daarom geven we hier een wat bredere toelichting op dit onderwerp.

 

ZANDOPNAME DOOR PAARDEN

Zandopname is niet altijd een probleem, zolang het kleine beetjes zijn en het zand normaal via de mest mee naar buiten genomen kan worden.

Sommige paarden nemen te veel zand op of scheiden het zand niet goed uit via de mest. Dat kan uiteindelijk de darmfunctie gaan verstoren. Als het zand gaat zakken in de dikke darm wordt het moeilijker om het zand uit te scheiden. Uiteindelijk kan de peristaltiek van de darmen door het gewicht van een verzameling zand worden belemmerd.

 

ACHTERBLIJVEND ZAND

Te veel zand in de darm van het paard kan dan leiden tot dunne mest, te veel mestwater, koliek en vermagering. Dat willen we natuurlijk niet.

Veel zandopname kan via het management in veel gevallen al voor een deel voorkomen worden. Helaas zijn er paarden die ondanks de maatregelen dan toch nog te veel zand naar binnen werken. Of het zand al enige tijd geleden naar binnen gewerkt hebben, maar het komt er nog steeds niet goed uit.

Soms nemen we bij consult dus wat mest mee om even te checken. Soms zien wij bij normaal mestonderzoek al ook veel zand achterblijven in het bakje. In dat geval schrijven we dat op bij de uitslag van het mestonderzoek. Ook kan het zo dus zijn dat we bij rectaal onderzoek van het paard te veel zand tegen komen.

 

HET ZANDONDERZOEK

Bij twijfel over de aanwezigheid van zand in het paard,  kun je ook zelf een onderzoekje van de mest doen. Zelf een extra zandonderzoekje doen, kan nuttig zijn. Zit daar namelijk gelijk al veel te veel zand in, dan weet je al dat er veel zandopname was.

Nu is het niet zo, dat wanneer er in de mest geen zand gevonden wordt, het paard geen zand in de darmen kan hebben! Als het paard veel zand in de darm heeft, zal dat namelijk niet altijd in gelijke mate met de mest mee naar buiten komen. Er kan zelfs een langere periode helemaal niets naar buiten komen omdat het bij grotere hoeveelheid in de darm kan blijven liggen.

Door het zandonderzoek een paar keer te herhalen, kan je daar soms wel een beeld bij krijgen. Doe dit bijvoorbeeld 3-4 keer op opvolgende dagen en op termijn van een maand opnieuw. Als de opnamefactoren ongewijzigd zijn, is het natuurlijk vreemd als er dan opeens veel meer zand naar buiten gaat komen.

 

HOE ZELF ZANDONDERZOEK DOEN

Een zandonderzoek is heel eenvoudig om te doen.

Pak een plastic zakje.

Pak vervolgens minimaal vijf net geproduceerde mestballen. Je gaat zoeken naar zand dat uit het maagdarmstelsel komt, dus de bal mag uiteraard liever niet in op een zanderige ondergrond liggen of al een tijdje in de wind liggen naast een paddock vol los zand.

Mest in het plastic zakje.

Gooi daar water bij tot de mest echt voldoende ruim onder water staat.

Hang dan het zakje op, bijvoorbeeld aan een touwtje.

Dan breekt het moment aan dat je de mestballen van je paard even mag gaan masseren (en ja.. mensen met paarden doen soms echt hele rare dingen). Voorkom zo dat de mestballen te hard kunnen blijven.

Wacht even 15 minuten en voel dan onder aan het zakje of er veel zand zit.

Wat is dan veel? Wat korreltjes is geen probleem, maar een goede theelepel op 5 balletjes mest is te veel.

 

ZAND IN DE PAARDENDARM

Het is een feit dat dat je natuurlijk net op tijd met dat zakje in de weer moet zijn. Zonder apparatuur en soms zelfs met de beste apparatuur kan het toch lastig zijn, om aan de buitenkant van het levende paard goed te zien wat er exact in de darm gebeurt.

Uit een onderzoekje met een rontgen bij paarden met overmatig zand blijkt dan dat je in 25% via deze mesttestjes een betrouwbare uitkomst krijgt. In de overige 75% zag men wel veel zand op de rontgenopname, maar kwam dit er dan niet uit via de mest.

De vroeg ontdekte 25% is nog altijd beter dan een gemiste 100% zonder rontgen en maakt zandonderzoekje toch niet zinloos. Wel is het goed te blijven onthouden dat de uitkomst van het testje dus niet alleszeggend is. Helaas kan een paard dus wel “schoon” scoren maar bij verder onderzoek met rontgenfoto's of een koliekoperatie kan er soms alsnog een grote hoeveelheid zand gezien worden.

 

ZAND OP DE RONTGEN

Kijken via een rontgenfoto is dan natuurlijk een stuk minder belastend als kijken tijdens een koliekoperatie. Geven de klachten en omstandigheden samen aanleiding en is het een niet al te grote pony, dan is het mogelijk deze foto te maken. Deze foto maken we liever op de praktijk, omdat we daar speciale stroomkabels hebben liggen, om de dieperliggende structuren iets beter kunnen bekijken.

 

PREVENTIE VERSUS DE ZANDDARM

Hieronder wat algemene tips voor preventie. Na de bovenstaande toelichting zal al duidelijk zijn, dat we bij grote hoeveelheden zand in de darm natuurlijk veel meer moeten bijsturen dan bij een normaal gezond paard, die soms wat te veel zand op neemt maar het er nog wel makkelijk uit werkt en ook nooit klachten laat zien.

Bij grote hoeveelheden zand in de darm voldoet een normaal onderhoudskuurtje niet. Het kan dan weken tot maanden duren voordat het zand uit de darmen is. In deze tijd is het natuurlijk ook beter echt al het eten volledig bij zand vandaan te houden.

 

PREVENTIE

Uiteraard geldt dat peristaltiek van de darmen bevorderd wordt, door deze niet te lang stil te zetten. Daarom is allereerst voldoende hoeveelheid en spreiding over de dag van ruwvoeropname natuurlijk belangrijk.

Graag benadrukken we ook hier weer, dat niet ieder paard goed met onbeperkte hooi- en weilandhoeveelheden kan omgaan. Onbeperkt is namelijk weer een andere uiterste in voermanagement en het is een misverstand dat alle paarden daar wel goed bij floreren. Langdurige disbalans tussen voeropname en beweging bij paarden geeft aanzienlijk hoger risico op hoefbevangenheid. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor koudbloeden, we zien helaas ook steeds vaker extreem vette KWPN-ers en dravers. Kortom, laat angst voor zand en maagzweren geen reden zijn, je paard bewust zichzelf obesitaspaard te laten eten. 

Vervolgens zie je bij de opname van ruwvoer en gras dus graag weinig toegevoegd zand. Dan kan door het ruwvoer volledig uit de buurt van zand te gaan houden. Let er op dat ook restanten ruwvoer niet in het zand belanden, want het is natuurlijk heerlijk om die sprieten alsnog op te neuzelen. Onderschat ook niet hoeveel zand paarden in hun hoeven meenemen op een betonplaat. Een grote voerbak of meerdere voerbakken kan wonderen doen.

Op de wei kan bij zanderige grond en te kort gras, tijdig gaan bijvoeren uit een bak of bakken kan het paard helpen minder zand op te nemen.

Sommige paarden maken van een zandpaddock graag een maanlandschap. Binnenkomen van zand in de darm moet via echte slikbewegingen, dus door te spelen neemt het paard niet perse heel veel zand op. Paarden die veel in de paddock of wei veel graven en daarbij echt gaan likken of hapjes nemen zoeken vaak naar mineralen, een goede liksteenaanvulling kan soms wonderen doen.

Wilgentakken enzovoort zijn natuurlijk leuk om op te laten oppeuzelen, maar dus liever niet in los zand.

 

PSYLLIUM

Psyllium (vlozaad) kan een gelachtige massa in de darm vormen, welke het zand makkelijker meeneemt. Neemt een paard meer zand op dan je lief is, dan is het raadzaam te kijken of je opname wat kunt verminderen en periodiek preventief een kuur te geven.

Een kuur kan je overal bestellen. Wij hebben psyllium zaad uiteraard ook op voorraad. De ideale dosering en duur hang dus ook echt van de situatie af.

Let er wel op dat je wel altijd gelijk echte zaadjes gebruikt. Er zijn zandkuren voor paarden te koop waar de hoeveelheid vlozaad maar 20% is. Als je het paard dan 600 gram voert, komt dat neer op 120 gram psyllium. Dat doet voor een groter paard, zelfs als tijdelijke onderhoudsdosering, te weinig.