Close Menu
Spoed? Bel 06 55 37 00 00 Op spoednummer geen APP/SMS (doorgeschakeld)
Geen spoed? Bel dan tijdens spreekuur
Ma t/m vr van 8.00 - 9.00 uur: 0252-534340

EquiMoves bewegingsanalyse

EquiMoves bewegingsanalyse

 

Hoe zien sensoren het verschil tussen scheef en daadwerkelijk kreupel paard? Dat is uiteindelijk heel simpel. Een paard dat gewoon natuurlijk scheef is, gebruikt myofasciapatronen voor compensatie. Een paard dat op enig moment in beweging pijn ervaart, gebruikt zelf actief zijn wervelkolom, om landing of afzet bij te sturen. Het andere been moet abnormaal veel druk gaan verwerken. Daarmee breekt het door normale werkpatronen heen.

Paarden die pijn moeten bijsturen, gaan snel overbelastingblessures ontwikkelen. Bij kreupelheidsonderzoek met EquiMoves zijn we beter in staat pijn op te sporen. Zo kunnen we kans op overbelastingsproblemen waar mogelijk, eerder stoppen.

 

HOE WERKT HET

Wanneer we EquiMoves Sensoren bij het onderzoeken van een kreupel paard gaan gebruiken, krijgt het paard 7 of meer sensoren op. Vanaf het moment dat we op "start measurement" drukken, worden er dan tijdens het kreupelheidsonderzoek, voortdurend gegevens opgeslagen.

Het voordeel is dat sensoren per definitie scherper kunnen waarnemen, dan het menselijk oog. Met minimaal 7 sensoren heeft het systeem vervolgens gelijk ook al het minimum aantal sensoren, om belangrijke patroonveranderingen die duiden op kreupelheid te herkennen.

Sensorenonderzoek is geen vervanging, maar een aanvulling op de andere onderdelen bij kreupelheidsonderzoek.

 

NIEUW MAAR REEDS VEEL TOEGEPAST

We gebruiken het nieuwe EquiMoves al direct sinds de eerste introductie op de markt in 2020, omdat de opzet praktisch een heel mooi werkend middel vormt. Dan is het handiger meer voor dan achter te willen lopen.

Inmiddels hebben we al veel paarden uitgebreid onderzocht met Equimoves en het systeem steeds beter leren kennen. EquiMoves is zeker een blijvend hulpmiddel bij bepaalde kreupelheidsonderzoeken, dus we lichten het hier wat verder toe.

 

EQUIMOVES VOOR NAUWKEURIGHEID BIJ KREUPELHEID

De basis van EquiMoves is zeer stevig verankerd in onderzoek in de humane sector en bij het maken van het specifiekere computerprogramma voor paarden is gelijk goed rekening gehouden met alle recentere informatie uit wetenschappelijk bewegingsonderzoek met paarden.

Bij aanwezigheid van pijn in de benen gaat het paard namelijk patronen laten zien, die anders zijn dan louter normale asymmetrische patronen. De exacte kennis over afwijkende patronen neemt nu snel toe en is reden dat we in de praktijk EquiMoves met minimaal 7 sensoren, tijdens kreupelheidsonderzoek of monitoring nu al goed kunnen gebruiken.

Het programma biedt een uitstekende toevoeging op onze specialisatie, kreupelheid en onregelmatigheid te onderzoeken. Het helpt ons bij het vroegtijdig vinden of uitsluiten van zeer milde kreupelheid en combinatiekreupelheid.

Het is veel beter om vormen van milde kreupelheid direct adequaat te behandelen, nog voordat een verdere schade zich verder gaat ontwikkelen. 

 

MILDE KREUPELHEID, COMBINATIEKREUPELHEID EN MONITOREN SPORT

Het zou natuurlijk onzinnig worden, om de afwijkingen die we als ervaren kreupelheidsarts al heel goed met het blote oog leerde herkennen, ook altijd nog eens via computerdata en bolletjes op een scherm te gaan bekijken. Dus dat gaan we dus zeker niet doen. 

Uit onderzoek blijkt duidelijk dat ook uiterst ervaren artsen bij vagere kreupelheden natuurlijk steeds meer moeite krijgen, de plaatsing altijd goed te blijven bepalen. EquiMoves is speciaal ingericht als extra middel in handen van een kreupelheidsarts, die alle verdovingen kan plaatsen, terdege manueel onderzoek kan doen en veel extra kennis en praktische ervaring heeft in het zoeken en beoordelen via echografie.

Zo helpt EquiMoves in het totale traject van nauwkeurigere locatiebepaling van pijn en kunnen we het verdere totale zoekproces naar oorzaken van pijn, nog efficienter en vollediger maken.

 

KREUPELHEID ALS RUIM BEGRIP

In het algemeen geldt dat het begrip "kreupelheid" een ruim begrip is. Behalve beenproblemen kunnen ook bovenlijnproblemen leiden tot verandering in de beweging en het is heel belangrijk zo snel mogelijk het meest zuivere onderscheid te maken, omdat de behandeling zeer verschillend kan zijn.

Bij beenproblemen zijn er vervolgens ook combinatieproblemen met been en wervelkolom of meerdere benen.

Voor het vinden van combinatiekreupelheid of mildere kreupelheid geeft het systeem ons, in combinatie met andere zoekmiddelen zoals handen en verdovingen, nuttige steun.

Onder deze link is meer te lezen over de verschillende onderdelen die we mogelijk in kunnen zetten bij kreupelheidsonderzoek.

 

SUBJECTIEVE AANNAMES OF OBJECTIEVE BEELDVORMING

De reden dat we aanwezigheid en locatie van pijn door milde, subtiele of multikreupelheid graag zo nauwkeurig mogelijk analyseren, is dat dit een belangrijk gegeven vormt voor de begeleiding van een sportief lichaam.

Het spreekt voor zich dat bijsturen het beste gaat, nog voordat er echte pijn is. Dat gebeurt via manuele therapie, management en training. Maar het opvolgende moment om bij te sturen is dan bij voorkeur het moment, dat pijn en schade nog heel beperkt is. Want in deze fase is er nog de hoogste kans op snel en goed herstel.

Een sportpaard wordt geboren als een zeer atletisch dier en werkt graag, mits het de mogelijkheden op een rijtje heeft. Milde pijn hoort niet in dat rijtje thuis. Bij scheefheid compenseert het lichaam zelf. Aanwezigheid van milde pijn vraagt echter om bewuste compensatie en abnormale patronen.

Een verandering in beweging, is bij pijn geen automatisme meer, onbewust geregeld vanuit het lichaam. Bij pijn moet het paard steeds bewust gaan regelen dat het niet toch op het verkeerde punt gaat staan, de bocht verkeerd neemt enz. Dat geeft veel spanning. Als dat langere tijd duurt, geeft dat helaas ook hogere kans op het ontstaan van andere overbelastingblessures.

Praktisch staat een wens om pijn en bijbehorende abnormale bewegingspatronen en kans op overbelasting vroeg de kop in te drukken, dan natuurijk heel haaks op het feit dat paarden nooit mondeling helder gaan uitleggen dat er een licht pijngevoel tijdens belasting is en al zeker niet waar dat exact zit. Juist voor het onderzoeken van niet pratende paarden, met bepaalde typen beginnende of moeilijkere kreupelheden, is een goed systeem dat kan helpen bij een uiterst objectieve bewegingsanalyse voor paarden zoals EquiMoves, een zeer mooie aanwinst. 

 

MEER PRAKTISCH SENSORENONDERZOEK BIJ PAARDEN

Sensoren worden al jarenlang gebruikt bij wetenschappelijk onderzoek, waar bijvoorbeeld effecten op bewegingen van paarden op een loopband en camera's vergeleken worden.

EquiMoves is vervolgens weer nog verder ingericht op breder individueel onderzoek in praktijk. Het paard gaat dus niet op een loopband, maar kan gewoon op iedere bodem en zowel rechtuit als op de volte lopen.

Een goed systeem zoals EquiMoves blijft natuurlijk niet louter aanwezig op twee of drie klinieken. Geen enkel daadwerkelijk praktisch nuttig systeem blijft hangen op 1 praktijk of in 1 land, daarvoor is het probleem kreupelheid wereldwijd veel te groot. Bij verdere normale omstandigheden, zal de inzet van sensoren bij dit werk nu heel snel gaan groeien.

Recent hebben ook enkele grotere Nederlandse klinieken Equimoves al aangeschafd en dit uitgebreide praktische systeem voor bewegingsanalyse via sensoren bij paarden zal vrij snel een veel bekender onderwerp gaan worden.

Echter, in het algemeen is „ een paard praktisch onder sensoren onderzoeken” nu nog steeds iets heel nieuws.

 

DUS WAT GEBEURT ER BIJ ONDERZOEK MET SENSOREN?

Equimoves heeft minimaal 7 sensoren. Vier beensensoren, een sensor op het hoofd, op de schoft en sacrum. Met minder sensoren werken kan niet, want dan krijgen we geen correcte data.

De reden dat we Equimoves zijn gebruiken en geen eerdere systemen, is het feit dat het bij het beoordelen van patronen voor kreupelheid ook belangrijk is, informatie uit een schoftsensor te hebben. Ook belangrijk is, dat al deze sensoren goed werken op de voltes.

 

HET PAARD MERKT ER NIETS VAN

Als we een systeem zoals EquiMoves gebruiken, moeten de sensoren natuurlijk zo op het paard, dat deze er echt niet anders door gaat lopen.

We gebruiken dan een gewoon hoofdstel, longeersingel en vier zachte peeskapjes met de sensoren er op. U kunt een eigen hoofdstel meenemen, de sensor gaat dan op het kopstuk.

De sensoren zijn zo licht, dat het geen effect heeft op het gebruik van hoofd, de benen of rug. Voor een reeds beleerd paard vormt "aan EquiMoves gaan" dus niets nieuws onder de zon.

Het is heel belangrijk dat de opnames zo nauwkeurig mogelijk gemaakt worden, er bijvoorbeeld niet aan het hoofd getrokken wordt, de circelomvang en tempo zo contstant mogelijk enz. Uiteraard krijgt de begeleider van het paard daar hulp bij en eventueel kan onze assistentie begeleiding van het paard ook over nemen.

 

EXTRA BEELD BIJ KREUPELHEIDSONDERZOEK

We kunnen een normale bewegingsanalyse doen. Maar we kunnen dus ook details in reacties op veranderingen zoals buigproeven en gerichte verdoving per gebied vergelijken. Dat laatste passen we uiteraard in praktijk met paarden, die niet zeggen wanneer de pijn iets af- of toeneemt, in praktijk heel veel toe.

Bij Equimoves wordt de data voortdurend opgenomen. Deze data wordt in de computer herkent en verwerkt in sessies. Daarna kunnen we het systeem exact aangeven welke stukken opname in de tijd, we met elkaar willen vergelijken. Dat kunnen opnames op de zelfde middag zijn, maar ook bijvoorbeeld van deze middag en een moment van drie maanden geleden of langer.

Gegevens van Equimoves gebruiken we om nog beter te zien of er ongewenste patronen in de beweging zijn, of deze er op enig moment komen (na een oefening of buigproef) of juist bij lokale verdoving op bepaalde locatie verminderen of gelijk helemaal weg zijn.

 

PATROON VOOR EN NA INTERVENTIE

Equimoves helpt dus bij het zoeken naar veranderingen in looppatronen, door toevoeging van gevoeligheid en objectiviteit.

Bij bewegingsonderzoek met Equimoves wordt dus automatisch van iedere bewegingssessie een aparte meting gemaakt en apart opgeslagen. Bijvoorbeeld rechte lijn draf, harde volte draf en zachte volte draf. Zonder buigproef, met buigproef. Met verdoving, zonder verdoving enzovoorts.

Interventie kan dus gevormd worden door locale verdoving, een buigproef enz. Maar ook kunnen we bijvoorbeeld een maand na behandeling nauwkeurig testen of er daarna volledige afwezigheid van alle kreupelheid gevormd is, voor het paard in het werk terug gaat.

Hoe we het exact gebruiken, hangt natuurlijk van de situatie af.

 

MET EQUIMOVES DOOR DE BOCHT

Er is veel te zien op de harde rechte lijn, maar in praktijk zijn er natuurlijk ook veel verschillende soorten kreupelheden. Omdat op de volte de wervelkolom meerdere bewegingen moet combineren wordt ook een groot percentage van de kreupelheden juist hier weer duidelijker gepresenteerd.

Aanwezigheid van een goede harde en zachte volte is bij kreupelheidsonderzoek al vrij snel belangrijk. Met EquiMoves wordt dat niet anders.

 

BELANGRIJK TE WETEN BIJ HET LEZEN VAN RAPPORTEN

Bij gebruik van sensoren in een paardenartsenpraktijk is het primaire doel natuurlijk niet wetenschappelijk onderzoek, maar het beter kunnen helpen van een individueel paard.

Toch houden we wetenschappelijke onderzoeken wel heel goed in de gaten, want ook hier komt informatie vandaan. Bij wetenschappelijk onderzoek via sensorenonderzoek worden doorgaans meerdere paarden met elkaar vergeleken. Men werkt dan met groepen om onderlinge vergelijkingen te maken en effecten op beweging te meten. Wetenschappelijke onderzoeken die goed opgezet zijn, leveren belangrijke bijdragen..

De wetenschappelijke onderzoeken bevestigen zeer expliciet wat iedere ervaren ruiter die heel veel paarden heeft gereden kan vertellen, namelijk dat ieder paard in basis echt al zijn eigen manier van bewegen heeft. Grote variatie in motoriek is er via verschil in rassen en individuele flexibiliteit maar vooral ook omdat er toch veel mogelijke imperfecties in de exacte curve van de wervelkolom met verschillende varianties is asymmetrie gecombineerd kunnen worden.

Bij elkaar vormt dat heel veel variatie.

Het is bij het zien van rapporten belangrijk, vooral niet bij ieder scheef bolletje te schrikken.  Bij bewegingsanalyse van een lichaam is normale scheefheid gewoon en niet ieder scheef bolletje gaat gelijk een probleem geven.

Er is natuurlijk normale, versterkte en abnormale assymetrie. Pijn komt vervolgens bovenop de mogelijke individuele diversiteit als ongewenste factor en kan overal in werken en geeft abnormale patronen. Pijn in benen leidt tijdens beweging tot patronen in gebruik van de wervelkolom, die abnormaal zijn omdat de wervelkolom niet langer onbewust maar actief gebruikt moet worden om druk te gaan verleggen. Pijn heeft ook als extra kenmerk dat juiste reactie op verdoving volgt, mits de verdovingen natuurlijk wel professioneel geplaatst zijn.

Doorwerken met pijn in de benen is niet wenselijk. Ook niet met milde pijn, omdat als het paard de drukverdeling ergens laat af nemen, het elders actief moet toenemen. Het lichaam is gemaakt om goed om te gaan met enige normale asymmetrie, maar pijn werkt niet hetzelfde door als pijnloze asymmetrie. Het paard gebruikt bij pijn actief zijn wervelkolom om bij te sturen en raakt dan sneller overbelast, letterlijk omdat het buiten de normale gebruikslijnen gaat lopen.

 

GEBIEDEN GAAN ELKAAR VERSTERKEN

Niet alle kreupelheden zijn moeilijk, maar alle mogelijke combinaties die er in totaal zijn, maken het totale werkgebied zeker specialistisch.

Daarom werken we al jarenlang heel hard aan gedegen opbouw van veel extra kennis en ervaring als kreupelheidsarts. Ruwweg is dit specifieke gebied  op te splitsen in beeldvorming en gerichte behandeltechnieken. Het onderdeel EquiMoves hoort bij de start van beeldvorming en is dus slechts een klein stukje in het totaal. Het is een relatief klein onderdeel maar dat maakt het nog geen onderdeel.

Qua onderzoek hebben we zeer veel ervaring met rontgen en echografische beeldvorming bij kreupelheid. Qua behandeltechnieken voeren wij osteopathie (geheel) en alle diergeneeskundige gerichte behandelingen toe, zoals PRP, IRAP, stamcel, mesotherapie, tildren enzovoorts.

 

 

EQUIMOVES EN WELZIJN

Een blessure is niet altijd te voorkomen. Maar we kunnen ongewenste veranderingen in bewegingspatronen nu wel weer een stukje eerder herkennen en behandelen als het probleem nog kleiner is. 'A vet is not a wizard.... we need to use technology logically and carefully, so it can be transformed to concrete improvements for horses".

 

BEWEGINGSANALYSE OOK MOBIEL

De meeste sportpaarden reizen gemakkelijk en vinden het geen enkel probleem om op de trailer of vrachtwagen te gaan. Equimoves is eventueel ook mobiel. Het opzetten van een sessie kan overal, maar de omstandigheden voor kreupelheidsonderzoek moeten echt goed zijn.

Het systeem kijkt zeker niet door suboptimale omstandigheden heen, maar registreert gewoon alles wat niet klopt. Een hobbelig weiland of scheve aflopende longeercircel of paard dat van de volte steeds een ei maakt, geeft sterk vertekende opnamebeelden. Een schrikreactie kunnen we er uit filteren, maar verdere omstandigheden moeten wel genoeg kloppend zijn.

We doen veel kreupelheidsonderzoeken en het opzetten van Equimoves is eenvoudig, dus de extra kosten kunnen fijn laag blijven. Zo vormen tijd en geld geen reden het systeem wel of niet in te zetten. Dat wordt dus meer door het type kreupelheid bepaald.

 

HET BEOORDELEN VAN ANDERMANS OPNAMES

Uit het voorgaande volgt wel dat men in het algemeen altijd zeer voorzichtig moet blijven, bij het interpreteren van andermans opnamerapporten zonder de opname zelf te hebben gezien.

Bij het zien van een rapport zeker moet zeker zijn dat bij iedere opname de omstandigheden gelijk waren. Bovendien zegt het rapport nog niets over de oorzaak die op dat moment speelt. Die kan ook heel onschuldig zijn. Een rapport is dus altijd een momentopname en zegt zelf niets over de toekomst van het paard.

 

HET BEHEREN VAN OPNAMES

De opnames vallen bij een dierenarts onder de patientgegevens waarvoor geheimhouding van toepassing is. Ze zijn eigendom van de opdrachtgever, wat meestal de eigenaar van het paard zal zijn. Soms vindt met een dossier toetsing of verder overleg met de systeemontwikkelaar plaats, maar deze gaat uiteraard netjes met de gegevens om.