Close Menu
Spoed? Bel 06 55 37 00 00 Op spoednummer geen APP/SMS (doorgeschakeld)
Geen spoed? Bel dan tijdens spreekuur
Ma t/m vr van 8.00 - 9.00 uur: 0252-534340

Castratie

DE CASTRATIE ALS INGREEP

Even vooraf, hou er bij het maken van plannen rekening mee dat een gecastreerde ruin na castratie nog ongeveer 6 weken vruchtbaar is.

De castratie is een oude en vaak toegepaste ingreep, omdat veel hengsten minder fijn te houden zijn tussen merries.

Ondanks het feit dat castraties bij nette uitvoering meestal goed verlopen, behoort het toch tot de zwaardere ingrepen. Dat betekent dat castraties nooit zonder zeer gering risico op complicaties gedaan kunnen worden, die we uiteraard vooraf willen vermelden.

Er bestaan verschillende castratiemethoden, allemaal met hun eigen voor- en nadelen. Hieronder leggen we uit welke castratiemethoden er zijn, welke risico's er bij horen en welke wij wel en niet uit voeren.

 

CASTRATIE EN TETANUSVACCINATIE

 

Bij castratie gaat een dierenarts altijd een wond maken. Het is dus belangrijk dat het paard zijn basisvaccinatie tegen tetanus gehad heeft.

Tetanus komt nu nog weinig voor, maar dat komt doordat nagenoeg alle paarden gevaccineerd zijn. Niet gevaccineerde paarden bewijzen echter helaas nog steeds dat als tetanus toeslaat, overlijden de enige uitweg is. Dat zou dus een onnodige complicatie zijn. Daarom castreren we geen paarden of pony's die niet tegen tetanus gevaccineerd zijn.

 

ANATOMIE VOOR DE CASTRATIE

 

 

Om een beter beeld te geven van wat er bij de castratie gebeurt, leggen we eerst even de anatomie uit

Bij de castratie verwijdert men de testikels waardoor de sperma- en testosteronproductie wordt stilgelegd. De testikels bestaan uit een zaadbal (G) en een bijbal (F).

Uit de bijbal komt de zaadbuis en deze vormt samen met de bloedvaten van de testikel de zaadstreng. De zaadstreng loopt omhoog door het lieskanaal de buikholte in.

B en C zijn buikspieren. De testikel bevindt zich dus in een uitstulping van het buikvlies (A); er bestaat een open verbinding tussen buikholte en scrotum via het lieskanaal. In het scrotum noemen we deze dit stuk buikvlies de tunica vaginalis (E), die door onderhuids bindweefsel direct verbonden is met de huid van het scrotum.


Indien u zich nog wilt in lezen in de soorten castraties dan volgt hier een stukje over de verschillende methoden. Wilt u gelijk weten hoe wij castreren, scroll dan gelijk verder naar "onze werkwijze".

 

1. DE ONBEDEKTE CASTRATIE

 

Deze castratievorm wordt van oudsher meestal toegepast door castreurs. Deze vorm wordt vrijwel altijd bij het staande paard uitgevoerd onder plaatselijke verdoving. Er wordt een relatief groot gat in de balzak gesneden, waarna de testikel met zaadstreng naar buiten komt. De tunica vaginalis blijft aan huid zitten. Vervolgens wordt alleen de zaadstreng gekneusd en soms afgebonden, waarna de testikel verwijderd kan worden. Omdat de zaadstreng daarna niet meer volledig omgeven is door de tunica vaginalis noemen we dit de onbedekte castratie.

De wonden in het scrotum worden open gelaten of er wordt een ligatuur aangelegd. Het niet afbinden van de zaadstreng heeft als voordeel dat er geen hechtdraad achterblijft waar het lichaam op zou kunnen reageren. Doordat de verbinding tussen huid en de tunica vaginalis in tact blijft, is de kans op zwelling wat kleiner. Wanneer een hengst staande gecastreerd wordt, zijn er geen risico's van het neerleggen van het dier en evenmin bestaat er een narcoserisico.

Er zijn ook nadelen. Nadeel is allereerst de kans op een (na)bloeding uit de zaadstrengstomp indien er geen ligatuur wordt gebruikt. Wordt hier niet direct adequaat ingegrepen, dan kan dit een dodelijke afloop hebben. Tweede nadeel is dat de darmen via de open castratiewond naar buiten kunnen komen (liesbreuk) daar de toegang tot de buikholte niet wordt afgesloten. Het aanleggen van een ligatuur kan bij een staand paard uiteraard veel lastiger worden omdat de arts onder moeilijkere omstandigheden werkt. Als er een ligatuur gezet wordt, heeft dat alleen nut als het ook exact helemaal goed zit.

Het komt niet vaak voor, maar als complicaties voor komen zonder perfecte ligatuur, is de impact direct erg groot. Dat is de reden dat de onbedekte methode in de loop der jaren toch  minder frequent toegepast wordt.

 

2. DE HALFBEDEKTE CASTRATIE

 

Dit is thans verreweg de meest gebruikte methode. Er wordt een snede gemaakt in de huid van het scrotum, in het onderhuidse bindweefsel en in de direct daaronder gelegen uitstulping van het buikvlies, de tunica vaginalis. Deze snede is zo groot dat de gehele testikel gemakkelijk naar buiten gehaald kan worden.

Dan wordt de huid met het onderhuidse bindweefsel losgemaakt van de tunica vaginalis en naar boven geduwd. De zaadstreng met daaromheen de tunica vaginalis wordt met een speciale kneustang eerst gekneusd en daarna afgebonden met een stevige ligatuur. De testikel wordt verwijderd door de zaadstreng met de tunica vaginalis door te knippen onder de ligatuur.

De wonden in het scrotum worden niet gehecht maar open gelaten, zodat wondvocht dat na de operatie wordt geproduceerd goed kan afvloeien. Omdat de zaadstreng samen met de daaromheen gelegen tunica vaginalis is afgebonden, bestaat er geen open verbinding meer tussen de buikholte en het scrotum. De ligatuur is dus om bloedingen te voorkomen en dat bij eventuele opvolgende liesbreuk (bijv. bij het opstaan of een dag later) de darmen naar buiten kunnen komen. Nadeel ten opzichte van staand zonder ligatuur is dat kans op ontstekingen toenemen als vreemd lichaam (hechtdraad) wordt toegevoegd en de zwelling toeneemt doordat huid en tunica vaginalis wordt gescheiden. 

 

3. DE BEDEKTE CASTRATIE VIA DE LIES

 

Bij de bedekte methode gaat men via de lies naar binnen. Omdat dit onder in een operatiezaal gebeurt, is er nog minder kans op infectie. Komt deze er wel (zogenaamde ziekenhuisinfecties), dan zijn deze direct ernstiger omdat alle wonden dichtgezet zijn en de infectie er dus minder goed uit kan. Ook kan het opstaan soms vervelender verlopen, als er muren zijn. In praktijk blijkt dat bij grote oudere paarden het lieskanaal breder is en dan is het weer prettiger als alles geheel dicht is in verband met grotere kans op liesbreuken.

Kortom, iedere methode heeft zo zijn voor- en nadelen.

 

ONZE WERKWIJZE

 

Wij castreren altijd halfbedekt onder narcose in het weiland. We openen de tunica, verwijderen de testikels en leggen een ligatuur om de zaadstreng. Zo wordt de buikholte weer gesloten.

Door het paard neer te leggen, kunnen we beter bij het operatiegebied en daar nauwkeuriger werken. Met staande sedatie blijft een paard bijvoorbeeld niet altijd goed wijdbeens staan. Als het paard ligt kunnen we de balzak wel zeer goed steriel wassen en kan het gebied steriel wordt afgedekt, waardoor een kans op besmetting met bacteriën aanzienlijk afneemt. Het zicht op het operatieveld is goed en het paard beweegt niet, waardoor er altijd zeer nauwkeurig doorgewerkt kan worden.

Omdat we het infectierisico echt heel graag ver terug dringen, castreren wij ook nooit meerdere paarden achter elkaar. We maken liever alle spullen na operatie eerst volledig steriel in de autoclaaf.

Een nadeel van het liggend castreren is natuurlijk een narcoserisico en het neerleggen. Groot voordeel is aanzienlijke terugdringing van kans op infectie en niet volledig goed gelegde ligatuur. In verhouding tot een kliniek operatie is het opstaan risico in een weiland zeker iets kleiner want het paard kan in het weiland nergens tegen aan vallen.

Wij hebben in de loop der jaren heel veel jonge paarden op deze wijze gecastreerd en we zien dat kans ons ontstekingen of ernstige complicaties via deze methode verder teruggedrongen is.

Oudere en grotere paarden verwijzen we echter liever door naar de bedekte operatie via de lies, omdat er op oudere leeftijd bij grotere paarden toch een kleine kans is dat het lieskanaal al verbreed kan zijn. In het algemeen is het niet handig, -als het geen goede reden heeft- te wachten met castraties tot oudere leeftijden.
 

KEUZE-OPERATIE

 

Bij castratie kan de eigenaar zelf het moment kiezen en dan kiezen we natuurlijk graag voor optimale omstandigheden!

De halfbedekte castraties voeren wij alleen uit bij droog en windstil weer in een droog weiland. Bij een shetlander of zeer kleine pony die we bij het opstaan goed kunnen bij sturen, kan het eventueel binnen in een zeer ruime stal.

Het voorjaar verdient de voorkeur, de weiden staan vol met gras en het aantal insecten is ten opzichte van de nazomer nog gering. 

Indien mogelijk zien we ook graag dat het paard daarna op het weiland blijft om te herstellen omdat dit de kans op infecties aanzienlijk terugdringt, maar dit hoeft niet.

 

NA DE HALF BEDEKTE CASTRATIE

Bij de halfbedekte castratie, duurt het normaal gesproken ongeveer 10 dagen voor de wond grotendeels dicht is. Soms zit er dan nog een klein wildvlees bobbeltje dat meestal na enige tijd vanzelf in elkaar schrompelt. Het voordeel van vroeg na de operatie bewegen is dat de zwelling wat makkelijker “wegloopt” hetgeen de wondgenezing bespoedigt. Veel stappen dus.

De meeste paarden kunnen vervolgens na 1 à 2 weken weer opgepakt worden en geleidelijk aan normaal gewerkt worden, uiteraard is dit wel afhankelijk van het feit of het paard fit is (goed eet, geen koorts heeft). Het mooiste is dat de wond inderdaad weer dicht is voordat u het paard weer intensief gaat berijden, maar niet persé noodzakelijk.

 

Met dank aan Meers Paarden Centrum voor het beschikbaar stellen van de foto's.

castratie 1 Castratie
castratie 2 Castratie
castratie 3 Castratie
castratie 4 Castratie
En wat doen we hier mee? Castratie