Toplijnproblemen
Gedegen analyse bij toplijnproblemen
Rugpijn, halsproblemen of SI problemen
Problemen zoals rugpijn, halsproblemen of SI problemen, vallen onder de verzamelnoemer ’toplijnproblemen”.
Paarden kunnen zware chronische toplijnproblemen ontwikkelen, maar gelukkig zijn de meeste toplijnproblemen nog altijd slechts tijdelijke problemen!Â
Signalen toplijnproblemen paard
- Er zijn soms al directe indicaties zoals overdreven stijfheden in de de hals- en rugspieren.
- Bij manueel testen of rijden bepaalde bewegingen liever niet willen maken.Â
- Veel schudden en slaan met het hoofd kan een signaal zijn. Maar ook gevoeligheid bij aanraking.
- Natuurlijk zijn staken of verzet een signaal, dat er problemen kunnen zijn.Â
- Een paard met problemen in de toplijn ontwikkeld geen juiste stabiele aanleuning. Het kan wel ontwijkend of juist heel sterk op de hand worden.
- Een paard met SI problemen of in de lendenen wordt gevoelig in dit gebied bij specifieke palpatie.Â
- Sommige paarden protesteren niet subtiel maar gaan uitblinken in bokbehendigheid.
- Narrig worden bij het op zadelen of “opeens willen stilstaan”
- Zwiepen met de staart, problemen bij opstijgen, moeite met de galop en een slepend achterbeen kunnen indicatoren zijn (maar ook andere reden hebben).
- Milde ongeziene of wel geziene maar wisselende kreupelheden. Een puur toplijnprobleem kan verschijnselen geven die gaan lijken op kreupelheid. Andersom geldt dat problemen in de bovenlijn in meer dan 50% van de gevallen voortkomen uit milde pijn in de benen. De toplijn raakt dan heel snel overbelast omdat het in beweging geactiveerd wordt abnormale compensatiepatronen te gaan geven.
- Paarden willen over het algemeen graag werken, maar paarden met zeker paarden met halsproblemen zullen veel vaker kunnen gaan “wisselen” in hun werkbereidheid.Â
Neem al je informatie mee!
Bij toplijnproblemen geldt dat sommige mensen vrij snel na het signaleren van klachten naar een paardenarts gaan. Maar soms natuurlijk niet en dan is staken al lange tijd de orde van de dag. Dat is niet handig, een paard met pijn bouwt namelijk dan ook psychisch verkeerde dingen op. Dus wacht liever niet te lang met het uitsluiten van oorzaken, waar je nog wat aan kunt doen. Paarden met grote problemen zullen altijd problemen gaan houden. Maar kleinere problemen, maak je liever niet groter dan ze hoeven te zijn.Â
Heb je reeds eerder manueel onderzoek door iemand laten doen of je paard op film tijdens rijden of andere geschiedenis die relevant kan zijn, kun je deze informatie uiteraard meenemen! We hebben veel extra kennis en middelen in huis om zo snel mogelijk voor je te gaan kijken welke kant een onderzoek het beste op kan gaan en houden uiteraard rekening met eventuele budgetwensen.Â
Primair of secundair?
Toplijnproblemen kunnen primair zijn, of secundair. Primair gaat het om echte toplijnproblemen. Bij secundair zijn klachten in de toplijn een gevolg van bewegingen buiten het normale compensatiemechanisme, denk aan (meestal zeer subtiele) pijn in de benen tijdens beweging of het staan. Een onhandige  belasting bij het werk kan problemen versterken. Â
Oorzaken bij klachten toplijngebruik
Mensen willen bij gedragsveranderingen, altijd gelijk röntgenfoto’s van de rug. Dat begrijpen we en kan natuurlijk altijd.
Een rontgenfoto kan extreme problemen in de spinalen laten zien, grote gaten in bot. Maar ook zeer milde problemen in spinalen. Bij zeer milde is de oorzaak van rugpijn ook heel vaak een ander probleem.Â
We zoeken naar een oplossing voor pijn en gedrag, overleg de signalen al bij het maken van de afspraak met ons. Dan gaan we samen kijken, wat het meest passend is. Â
De toplijn beweegt en wordt bewogen!
We onderzoeken toplijnproblemen uiteraard via beweging. Hoe voelt het manueel exact, hoe beweegt het paard zijn lichaam? We willen namelijk zien hoe het paard zijn toplijn exact wel en niet beweegt en hoe wel en niet reageert. Ook zijn we graag heel scherp op mogelijke aanwezigheid van interactie met beenproblemen, want dit komt toch vaker voor, dan eigenaren en zelfs therapeuten, gemiddeld bedenken.  Het lichaam is gemaakt voor normale compensatiepatronen, pijn bij landing of afzet in beweging vormt een afwijkend compensatiepatroon.Â
Primaire toplijnproblemen
Afhankelijk van het eerste stukje onderzoek en uw gedragsinformatie gaan we kijken wat de beste onderzoeksroute is. Soms gaan we dus heel snel grijpen naar diagnoseapparatuur. Bij dit paard op de foto hiernaast gingen we uiteraard direct door. Er zijn namelijk zeker zelfstandige toplijnproblemen, die zeer ernstige vormen kunnen gaan aan nemen.  Hiernaast zie je een rontgenfoto van zo een ernstig probleem. Dit wel hele forse, helaas niet op te lossen pijnprobleem, was twee weken daar voor, volledig gemist, bij een mobiel uitgevoerd röntgenonderzoek van de hals.  Â
Daarom doen wij inwendig rug/hals onderzoek nooit mobiel.  Beeldvorming van toplijnproblemen met apparatuur, doen wij uitsluitend met onze sterkste apparatuur op de praktijklocatie. Want belangrijke dingen gaan missen die je bij die zelfde apparatuur eigenlijk niet hoeft te missen, dat wil je natuurlijk niet.Â
Diagnose medische toplijnproblemen
Zijn er toplijnproblemen waarbij we wellicht röntgen of echo willen in gaan zetten, dan staan we bij voorkeur dus met het paard op de praktijk.Â
Hier hebben we namelijk echt sterkere röntgen (hele dikke stroomkabels). Maar ook nog sterkere echoapparatuur die niet mobiel is. Hiermee kunnen we voor hetzelfde bedrag, toch echt wel een stukje dieper in het paard gaan kijken.Â
Alle (!) huidige mobiele systemen zijn minder sterk. Mobiele opnamen kosten echter hetzelfde (met regelmaat zelfs nog meer dan bij ons), maar gaan veel minder diep dus kunnen op voorhand al minder goed alle diepergelegen problemen scherp naar voren duwen. Â De meeste grote klinieken doen dit werk dus om deze reden, liever niet mobiel. Â
Bij toplijnproblemen is het al snel het meest efficient, echt te starten met de juiste combinatie van middelen en kennis, het paard zijn of haar situatie moet immers leidend gaan worden. Â Â
Extra echografiekennis!
Bepaalde problemen, waar het paard behoorlijk last van kan hebben, zien we weer niet met röntgen. Maar als orthopeed leerden we deze wel met de echo te vinden. Via echo vinden we diverse soorten problemen. Wij gebruiken hier een superscherp niet mobiel apparaat. Aan de hand daarvan gaan we kijken welk eventuele verdere pad logisch is. Â
Secundaire toplijnproblemen
Er zijn zeker primaire toplijnproblemen, maar in praktijk kan een paard bij subtiele veranderingen in de beenzetting bij beweging ook zeer pijnlijk in de bovenlijn worden.
Dat wordt nog wel eens onderschat, maar bij pijn elders volgt geen onbewuste compensatie maar een bewuste. Het lichaam is daar echter veel minder goed in. Het is ook psychisch veel meer belastend, als er pijn ervaren wordt en je toch in beweging moet komen. Dus spanning kan zeer hoog op gaan lopen. Â
In dit plaatje kun je al heel duidelijk zien dat bijvoorbeeld SI pijn en verandering in achterbeengebruik nauwe relatie kunnen hebben. We zien zeker ook relaties tussen voorbeenproblemen en halsklachten. Â
Interactie nauwkeurig beoordelen
Het is voor kwaliteit in eindconclusies ontzettend belangrijk dat artsen zo goed mogelijk onderscheid kunnen en mogen gaan maken, tussen primaire en secundaire toplijnproblemen. Want een effectieve aanpak zal niet hetzelfde moeten zijn. Soms staat deze zelfs haaks op elkaar.Â
Primaire toplijnproblemen geven soms kreupelheidssignalen, maar dan reageren benen nergens op locale verdoving. Want de pijn komt uit de bovenlijn en het paard wil louter anders lopen, om deze te beschermen. Toplijnproblemen kunnen wel reageren op een verdoving in de toplijn zelf. Â Maar reageren niet of echt nauwelijks op beenverdoving. Vooronderzoek kan basis zijn om na gedegen rontgen/echo eventueel ergens nog zwaardere apparatuur heel gericht op een gebied te zetten.Â
Toegenomen mogelijkheden in gebruik van locale verdovingsmogelijkheden (ook van de rug) en ontwikkelingen van sensorystemen die veel scherpte toevoegen zoals EquiMoves, onderstrepen dat veel vermeende toplijnproblemen vaker secundair zijn, gevolg van beenproblemen. Zo kan al lichte pijn in bijvoorbeeld hoeven of een knie, een achterbeenpees, best forse problemen in de toplijn gaan geven omdat er tijdens beweging en staan gebruik van de toplijn actief aangepast wordt. Maar ook gaat zadels bijvoorbeeld schuiven en soms erg ten onrechte bijgevuld worden.
Dan zal gaan gelden dat toplijnbehandelingen uiteindelijk ook voor het paard niet structureel en afdoende kunnen gaan werken. Andersom kan uiteraard ook, beenproblemen die eigenlijk voortkomen uit verkeerd gebruik of een probleem in de toplijn. Maar in ernst voor het paard opeens wel primair kunnen gaan worden, het gebied wat niet meer structureel genoeg herstellen kan, wordt uiteindelijk dominant.Â
Kortom: onderscheid is veel belangrijker dan men gemiddeld denkt. Bij het testen van beweging krijgt het paard als patient het woord. Dat is bij mensen, die maar al te graag snel in conclusies willen springen, heel belangrijk. Â Â Â
Locale verdoving onderzoek interactie
Een strakke indeling van een paard op basis van toplijnproblemen en beenproblemen, gebruikt men standaard. Er zijn zeker pure grotere primaire toplijnproblemen waar paarden klachten door ontwikkelen. Paarden die chronische, niet te managen, pijn en klachten krijgen. Vervolgens bestaat er een grijs gebied bij mildere afwijkingen. In de werkelijk is er juist in dat grijze gebied erg vaak interactie, dat soms alsnog goed oplosbaar is. Â Dat vormt alle reden, in grijze gebieden niet altijd te snel in conclusies te willen springen, anders zijn er meer en vaker toplijnproblemen, dan er daadwerkelijk hoeft te zijn. Â Â
Medische behandelingen
Afhankelijk van het exacte probleem, zijn er verschillende medische behandelingen en revalidatietrajecten.  Voor  medische behandelingen, voeren we alle mogelijke injectie therapieen uit, waarbij we injecties uitsluitend onder maximaal steriele omstandigheden toe dienen, meestal onder echo begeleiding. Â
Ook geven we uiteraard infusen met bijvoorbeeld tildren, mesotherapie (hals/rug) en shockwave (alleen op pezen en rug). We doen zelf ook manuele therapie (osteopathie en chiropractie). We gebruiken stukken bij manueel onderzoek en het hele programma bij behandelingen. Als je al een eigen manueel therapeut hebt, blijft deze uiteraard de volledige manuele therapie doen, alleen bij echt sterke SI klachten nemen we soms dat gedeelte dan wel een keer over om behandeling te completeren. Â
Kortom, we kunnen alle staande behandelingsopties uitvoeren, maar wat we exact het beste kunnen gaan doen hangt natuurlijk af van de diagnose en wat de eigenaar wil. Â
Veel uitbreidingen in ons kennispakket
Soms maken we dus alleen foto’s (bij gedeeltelijke keuring of bij forse bewegingsproblematiek enz). Â
Maar de problematiek gaat verder dan alleen bot en er zijn zeker ook secundaire toplijnklachten. Â Â
Wij hebben in de loop der jaren veel extra medische opleidingen voor alle extra beeldvorming en bijvoorbeeld injectiebehandelingen (Iselp, VET-pd, EGAS) gedaan en zelfs ook in omliggende gebieden kennis verworven (EDO osteopathie, MSFC voor zadels, inwendige kennis enz).Â
Eigenaren halen verschillen soms door elkaar. We zijn ervaren manueel therapeut, maar voor echte problemen gebruiken we orthopedie. Als paardenorthopeed hebben we inmiddels veel meer onderzoeksmiddelen en behandelingen in huis, dan een manueel therapeut of gewone dierenarts.Â
Alle uitbreidingen in kennis en ervaringen liggen bij ons in de uitvoering dagelijks dicht bij elkaar.
Grijze gebieden
Toplijnproblemen kunnen overduidelijk zichtbaar en heel groot zijn, maar ook een heel stuk subtieler en zo zelfs een grijs gebied gaan vormen. Paarden die goed en overduidelijk langdurig pijnvrij functioneren, hebben immers ook wel eens ergens een niet geheel perfecte wervelkolom. Wat is nu wel en niet altijd relevant?Â
Dat is onderwerp van onderzoek, wereldwijd buigen specialisten zich over deze problematiek en het is verstandig niet louter naar een specialist te luisteren die alleen paarden onderzoekt die niet presteren. Of peperdure jonge paarden moeten keuren en dus gewoon geen enkele minuscule afwijking onbenoemd willen laten, wat ook niet helemaal onbegrijpelijk is vanuit hun gegeven rol.Â
We zullen nog moeten accepteren dat er onduidelijke gebieden zijn en dan vooral ook willen luisteren naar specialistische onderzoekers die ook graag paarden nader bekijken, met kleine afwijkingen die wel gewoon pijnvrij functioneren en bij problemen paarden verder bekijken, dan alleen de plaats van de kleine afwijking. Â Zij kunnen komen tot steeds objectiever, dus voor het veld praktisch nog beter bruikbaar onderzoek. Â
Maar altijd zal gelden dat we paarden normale werkomstandigheden moeten willen bieden, zeker als er al kleinere afwijkingen te zien zijn. Omdat wel heel duidelijk is, dat we dan in het geheel meer paarden psychisch en lichamelijk gezond houden. Dus dat is altijd belangrijk aandachtspunt.Â
Rugspier/SI
Indien het paard klachten bij de training, rugspierklachten heeft of SI klachten of in de knie, dan is het voor herstel belangrijk dat wanneer het paard weer pijnvrij is, het zadel en ruiter gelijk echt goed gewicht verdeeld op dit paard. Onze zadelpasser kan objectief voor het paard controleren of het optimaal is aangepast. En je als ruiter eventueel nog wat helpen het bochtenwerk beter onder controle te krijgen.
Bij mogelijke interactie
ZEKERHEID VIA EQUIPRO
Heer en Meester in het blootleggen van milde (achterbeen) problemen
EXTRA INFORMATIE
MEDISCHE BEHANDELINGEN
Meer informatie over medische behandelingen in de kennisbank.Â
Contact ?
Bij spoed: niet mailen of appen maar liever persoonlijk contact.
- 06 - 5537 00 00
Indien geen spoed: