Wormbestrijding

Kennisbank artikel

 Het “kuurtje” dat goed gaat werken

Waarom is wormbestrijding bij paarden belangrijk?

Ieder paard heeft wormen in zijn lichaam. Zijn er echter te veel wormen, dan vormen deze een sterk negatieve invloed op de gezondheid van het paard.

Last van te veel wormen, kan zich op verschillende manieren uiten. De signalen zijn bijvoorbeeld achteruitgang in conditie, niet goed door de vacht komen, verminderde of juist vermeerderde eetlust, bloedarmoede, diarree of soms zelfs koliek. Kortom, veel te veel wormen kunnen dus gezondheidsproblemen veroorzaken. 

Daarom is het bestrijden van te veel wormen bij paarden dus een heel belangrijk punt. In dit artikel leggen we iets verder uit, hoe we dit op de beste manier kunnen doen.

Waarom gaat het gebruik van wormenkuren voor paarden tegenwoordig op basis van selectie?

Met wormenkuren kunnen we diverse stoffen geven en de gezondheid van paarden beschermen tegen wormuitbreiding. 

Vroeger kregen paarden standaard meerdere malen per jaar een wormenkuur. Echter, dat is nu niet meer het geval. Via onderzoek heeft men namelijk al vastgesteld dat er resistentie tegen wormmiddelen groeit. Resistentie van wormen tegen pasta’s is een heel serieus probleem, want er zijn nog geen andere stoffen ontdekt, die paarden met te veel resistente wormen, uiteindelijk dan nog kunnen helpen.

Het belang van het zo veel mogelijk stoppen van ontwikkeling van deze resistentie is erg groot. Daar is dus ook veel over nagedacht en dat heeft geleid tot veranderingen in de sector.

De pijlers bij wormbestrijding

Bij wormbestrijding van paarden denken eigenaren soms nog steeds alleen aan pasta.  

De “pijlers” bij wormbeheersing zijn tegenwoordig:

  • Monitoren infectiedruk
  • Gerichter ontwormen
  • Weidebeheer en management

We gaan uiteraard nergens ingewikkeld doen voor het ingewikkeld doen. Lees deze pagina iets verder door, dan wordt het allemaal super logisch, dat we per paard en per stal beter gerichter met het onderwerp om kunnen gaan.

Hoe werkt selectief ontwormen bij paarden

Wormen zie je soms al aan de buitenkant in de mest. Is dat niet vlak na een kuur, dan maak je een foto en bel je ons even want dan is de selectie al gemaakt. Echter, vaker zitten ze aan de binnenkant in het paard. Dan moeten we selectie wel/niet te veel wormen dus op andere manier doen. Voor gerichtere keuze van het middel en de aanpak moeten we weten wat voor type wormbesmetting er exact is. Via individueel onderzoek, bijvoorbeeld mestonderzoek, bloedonderzoek, met plakband of via speeksel, kunnen we dat meten. 

Want in verband met resistentievorming is onnodig ontwormen, dus niet handig. Feit is dat klachten die bij hoge wormbesmettingen ook heel vaak andere redenen hebben, door dan onderzoek te doen sluit je verkeerde conclusies veel sneller af. Selectie is informatie en informatie is de beste start. 

 Via onderzoek per paard gebruiken we dus al heel veel jaren ontwormingsmiddel alleen, indien dat nodig is en verstandig is. Waarbij we moeten onthouden dat een paard met veel wormen, ook veel wormen verspreid. De grote wormverspreiders niet behandelen is niet alleen ongezond voor dat paard, maar als dat paard in een groep staat, volgt veel eerder herbesmetting. 

Als stalhouder krijg je hier weer nauwkeuriger inzicht door via het houden van overzicht op de paarden op een stal.  

Onderzoekjes zijn ontwikkeld, om per paard en stal, beter te monitoren, wat er exact speelt. Via een heel eenvoudig mestonderzoekje zien we eenvoudig hoe het met de wormen gaat, die het meeste voor komen. Is er aanleiding tot verdere twijfel dan is ander onderzoek mogelijk. 

Zet dit naast andere managementmogelijkheden tegen wormverspreiding en mogelijke andere aandoeningen, dan geeft het totaal uiteindelijk meer controle. 

 

Is het terugdringen van resistentie van wormen bij paarden echt zo belangrijk?

Elke keer als er ontwormd wordt, gaan wormen dood, maar net niet allemaal. Zo selecteer je op wormen die tegen het middel kunnen (dus resistentie vormen). 

Resistentievorming minder kans geven, is een groepsbelang met zeer hoge prioriteit. Wanneer een aangepaste worm zich opnieuw gaat voortplanten, zijn deze opvolgers namelijk ook resistent. Resistente wormen verspreiden zich over het land. Krijgt een ander paard vervolgens te maken met verminderde weerstand dan ontstaat er een besmetting met resistente wormen, welke minder goed te behandelen is door de resistentie. 

Er is geen enkel signaal dat er nieuwe middelen tegen resistente wormen zullen zijn.  

Via doorgevoerde aanpassingen bij het houden van paarden en gericht ontwormen, moet dus bewaakt worden waar dat mogelijk is, dat er een doeltreffende therapie blijft. Er zijn al veehouderijen in andere landen die serieuze problemen noteren, dus dit onderwerp serieus nemen is echt geen luxe. Maar er zijn natuurlijk ook nog andere goede redenen, te willen weten wat een paard nu wel of niet daadwerkelijk als probleem heeft.

 

Wapens voor wormbestrijding

Staar je dus niet meer blind op het altijd gaan werken van pasta. Zijn er wormen, dan werkt  pasta gelukkig vaak nog gewoon wel, maar alleen via het management kunnen we paarden helpen,  resistentievorming in paarden terug te dringen. 

We moeten dus pasta veel meer koesteren als middel om problemen met wormen gericht terug te dringen en daarbij ook alle omliggende factoren niet willen vergeten.  Dit zijn de onderwerpen die veel paarden tegen resistentievorming kunnen beschermen!

Praktisch vervelend punt is dat de meeste parasieten in het paard zitten en zo niet zichtbaar voor het mensenoog. Via microscopisch- en bloedonderzoek zijn we in staat soorten en de graad van de besmetting beter vast te stellen. Er kunnen verschillende soorten wormen zijn en dus zijn er ook verschillende wijzen en stoffen om ze te bestrijden. In het algemeen monintoren we het paard gedurende het jaar via mestonderzoek, alleen in het najaar volgt altijd standaard een ontwormingsmiddel.

Als we de mest onder de microscoop bekijken bepalen we  per paard de EPG (eieren per gram). Bij een lage eitelling (EPG) kunnen we het ontwormen over slaan. Bij een hoge EPG of bijzonderheden niet. Zien we veel grote spoelwormen, dan is dat ook belangrijk. Ze veroorzaken nog wel eens schade en sterfte bij veulens en jaarlingen.Mestonderzoek is vooral nuttig om eieren van de meest voorkomende wormen aan te tonen. Sommige maagdarmwormen zijn wel aanwezig en kunnen ziekte veroorzaken, maar scheiden geen eieren uit in de mest. Dit geldt met name voor lintwormen, de larven van de kleine strongyliden (bijvoorbeeld de cyathostominae of rode bloedwormen), die zich ingraven in de darmwand om te overwinteren en aarsmaden

Een mestonderzoek is dus geen volledige garantie dat een paard wormvrij is. Als het paard verdachte symptomen vertoont, wordt een aanvullend onderzoek uitgevoerd. Bijvoorbeeld een bloedonderzoek om een eventuele besmetting van geïnhibeerde larven van de cyathostominae (= rode bloedwormen) te kunnen uitsluiten. 

Zijn er bijzonderheden in de individuele conditie van een paard, ga dan niet zelf op internet zoeken en diagnoses stellen, maar overleg dan deze problemen en je bedenkingen met een arts. Helaas zijn er soms meerdere mogelijke oorzaken, die dezelfde signalen kunnen geven. 

AI helpt iedereen, maar soms kun je beter toch iets anders gaan doen. 

Let er graag goed op, dat als je pasta moet geven, je niet te weinig pasta geeft. Hoeveel je moet geven staat natuurlijk heel duidelijk omschreven op de verpakkingen.  Onderdosering werkt resistentie in de hand. 

Heb je geen idee wat je paard weegt en niemand in de buurt heeft een (goed!) meetlintje, is dat geen probleem. Er zijn heel veel bedrijfjes die voor 10 euro je paard komen wegen. Spreek met een groepje af, dan heb je de eerste meting en hou je de rest met een touwtje met knoopje bij. Wordt je paard dikker dan past deze niet meer. Vergelijk het met je broekriem. 

Geen weegschaal is ook geen probleem.  We hebben een tabel voor gewicht meten gemaakt, zodat je met een touwtje in ieder geval een redelijke schatting kunt maken. 

Heeft een paard er moeite mee, bewaar dan de spuit en spuit er af en toe wat lekkere appelmoes mee. Dan zal het de volgende keer al snel makkelijker gaan. Let op dat als je de spuit er in doet, er niet nog hooi in je paard zijn mond zit en er dus niet veel uitgespuugd wordt. Vraag het bij twijfel even aan iemand, die groter is of het wellicht vaker gedaan heeft. 

Staan de paarden alleen in de zomer op het land, dan is ons advies om bij alle paarden minimaal 2 weken VOOR de weidegang mestonderzoek te doen, zodat paarden “schoner” het land op gaan. 

Bij hoge metingen controleer je liever via een onderzoekje of de kuur gewerkt heeft. Werkt het een keer niet, dan is de rest van de groep nog gewoon “schoon” van gedoe met resistentie.  

We zeggen het ontzettend vaak, maar niet iedereen volgt het advies: de nieuwkomers hou je dus liever eerst apart. Voor nieuwe paarden geldt vanwege infectieziekten altijd het advies deze eerst drie weken apart te zetten, te onderzoeken en monitoren, voordat hij op de weide in verder contact met groepen mag komen. Dat kan veel gedoe voorkomen dus we herhalen dit erg vaak. 

Zeker jonge paarden worden vanwege minder lichamelijke weerstand meer behandeld met pasta en nemen eerder hele hoge wormbesmettingen mee. Deze kunnen dus ook eerder een keer resistente wormen gaan bevatten. Wees daar op bedacht en voorkom dat deze gelijk in het weiland zitten en dus in andere paarden van de groep kunnen landen. 

ONTHOU HET DOEL:  DE VORMING VAN RESISTENTIE  IS WELLICHT NIET ALTIJD TEGEN TE GAAN, MAAR HET DAN BUITEN EEN GROEP WILLEN HOUDEN IS DAN ZEER VERSTANDIG. DAAR KAN GEEN ENKELE DOKTER OF THERAPEUT OF ALTERNATIEVE THERAPIE  TEGEN OP.   

Besmetting van paarden met wormeieren verloopt -bijna altijd- via de weide. Het maakt niet uit of de paarden bij elkaar of na elkaar op de weide staan.

Een hogere infectiedruk kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door:

  • Veel paarden op een stuk weide.
  • Leeftijd en conditie van de paarden
  • Nieuwe paarden op de wei die wormen meebrengen

Als het haalbaar is, verdient het zeker de voorkeur de mest twee keer per week te verwijderen. Dit dringt de infectiedruk terug. Maar aangezien nog niemand daar dat echte totaal handige apparaat voor bedacht,  kan het een heel pittig extra werkje worden. Als het gras hoog staat of er veel paarden op het land staan en minder verzorgers per paard zijn, wordt dit iets moeilijker goed haalbaar. Dat neemt niet weg dat het een belangrijk middel is, zeker als uit cijfers bij mestonderzoek gaat blijken dat besmettingsgraad relatief omhoog gaat.  

Na het goed lezen van alle tips, zul je ook begrijpen dat het risico op resistentievorming per stal, al iets verschillend kan zijn. Waarbij  instroom bewaken in de toekomst steeds meer gewicht zal krijgen.  

Beleid tegen worminfecties per stal

Het is handig de totale aanpak per stal vast te stellen. Want iedere stal is net iets anders en we zien zelfs kleinere veranderingen, soms gelijk in de uitslagen terug. 

Het is door de komst van resistentie duidelijk verschoven, niet langer louter een individueel belang maar ook een groepsaangelegenheid. Hou je als stalhouder goed overzicht op alle relevante inspanningen en ontwikkelingen, dan hou je inzicht. Het overzicht, daar helpt mestonderzoek ook bij. 

Zowel eigenaren als beheerders van stallen hebben veel te verliezen als er op hun terrein populaties van multiresistente wormen ontstaan. Het zal duidelijk zijn dat op veel stallen een gecoordineerd programma vaak beter kan werken dan louter eigenaren te laten testen en behandelen. Een eigenaar is dan uiteindelijk ook niet sterker dan de stalconditie. 

 Veulens en jaarlingen vereisen absoluut speciale aandacht. Jonge paarden zijn zeker meer kwetsbaar.

In het algemeen geldt daarom tegenwoordig dat we het beleid verder op de stal af kunnen stellen, waarbij iedereen moet begrijpen dat een weiland van 7 hectare met 3 pony’s die in een groepje staan dat nooit wijzigt of een stal waar geen weiland is en paddocks heel goed schoongehouden worden en geen nieuwe paarden bij komen, echt iets anders is dan een bedrijf met meer verkeer en weidegang en soms opname van jonge paarden. Hele jonge paarden zijn veel kwetsbaarder voor grotere wormproblemen, dus op veel stallen wordt dan vaak standaard ontwormd.  Waarbij onderzoek natuurlijk soms nog wel degelijk een heel belangrijke informatie functie kan hebben. 

In het algemeen kan dan vaker gelden dat 1 x per 2 maanden mestonderzoek handiger is, omdat te veel achter gaan lopen dan niet handig is. Maar dat kunnen we dus per stal en zelfs jaar soms iets terug zetten. 

 

Wat je moet weten over wormen en jonge paarden

Het is voor jonge paarden tot en met 3 jaar beter, met de hoogste frequentie te controleren. Omdat jonge paarden weinig afweer kunnen hebben, wilt u goed in de gaten hebben wat er speelt en daar beleid op kunnen af stemmen. Zeker in groepen wordt dan ook meer pasta gegeven. 

Echt een hele belangrijke uitzondering op de regel, is dat u Equest Pramox nooit geeft aan te jonge veulensVoor veilig gebruik moxidectine is de richtlijn dat het veulen MINIMAAL EEN HALF JAAR moet zijn.

Heeft u een veulen en bent u client bij ons, bel dan altijd bij vragen over entingen, ontwormen en andere gezondheidstwijfels.  

 

Waarom stuur je mest liever niet per post?

Als de mest te lang buiten het paard in warm ligt, zoals kan gebeuren bij het versturen van post, dan komen de eitjes al uit voor het onderzoek en dan worden ze dus minder gevonden bij het onderzoek. Dat willen we niet.

Onze eigen clienten kunnen dus kiezen het mestonderzoek door ons te laten doen. We hebben hier uiteraard cursus voor gevolgd en maken dat ook zeker niet onnodig duur.  Want werken met voldoende informatie en altijd volledig betrouwbare uitslagen, is voor ons ook het fijnst. 

Leg mest dus liever ook niet in het medicijnkastje, maar geeft het af aan de assistentie zodat het verwerkt kan worden of nog even de koeling in kan.

Je kunt de mest ook afgeven aan onze dierenarts als deze toevallig op stal is, zij hebben altijd een koelkast in de auto.  

Via een beetje goed plannen en doorwerken, 

Hoe kan ik de paardenmest verzamelen ?

Stop mest in een plastic zakje, met naam van het paard en de eigenaar op een papiertje aan de buitenkant geplakt. Een klein mestballetje is al ruim voldoende, we hebben maar weinig nodig. Pak verse mest, geen mest die al een dag in de warmte ligt. 

Bij grote groepen kunnen we ook als groep van maximaal 5 paarden de mest onderzoeken. Als de groep groter wordt, wordt de uitslag onnauwkeuriger dus dat doen we niet. Een groepje kan gevormd worden door leeftijd of door de koppel waar het paard in loopt (let op als paard 1 in de ochtend op een perceel loopt en paard 2 in de middag op hetzelfde perceel staan, zijn ze samen toch een koppel). In ieder geval zijn de veulens een groep, de jaarlingen een groep, de 2- en 3-jarigen een groep en de oudere paarden. 

Bij lage uitkomst is de groep onverdacht, maar bij hogere telling gaan we daarna nog wel de mest per paard bekijken, om te kijken wie de boosdoener is.  

Groepjes maken werkt goed genoeg, maar bij hoge aanwezigheid van wormen in de groep, is het dus weer niet efficient. Standaard kijken we voor je, wat handig is. 

Het is echter belangrijk dat u bij het maken van groepjes niet al zelf de mest gaat “voormengen”, maar nog steeds per paard in zakjes gescheiden brengt, met de naam van het paard op een briefje aangeplakt (niet in het zakje, want dan kunnen we het niet altijd goed lezen). Zo dat wij altijd de paarden kunnen aanwijzen, die individueel hoge tellingen hebben. 

 

Altijd even bellen!

Grote hoeveelheden mest vragen om eerdere afstemming, want er moet die dag bij ons voldoende assistentie vrij gemaakt kunnen worden om een grote partij gelijk te verwerken. Maar ook bij een enkel mestonderzoek is het goed ons even van te voren te bellen, want dat weten we wat de dag brengt en dat werkt het beste.  

We helpen je verder!

Uitslag mestonderzoek

De uitslag komt in je mail. Heeft je paard daarna een kuur nodig en wil je dat we dit voor je regelen, mail of bel dan even terug. We kunnen een kuur dan opsturen (maar dat kan helaas niet zonder verzendkosten) of al vast voor je klaarleggen in het medicijnenkastje. 

Heb je verdere vragen over wormbestrijding of de conditie van je paard, bel de dierenartsen dan eerst op het spreekuur of vraag de assistente een terugbelverzoekje te noteren.

Medicijnkastje?

Die zit bij binnenkomt in de eerste beukenhaag! Kom liever geen medicijnen halen, zonder dat we ze klaargelegd kunnen hebben.  Artsen werken namelijk ook tijdens kantooruren mobiel en nemen dan soms ook de assistentie even mee en dan is er even niemand. Of ze zijn bezig met hechten enz.  

Als je eerst belt en de kuur is voor je klaargelegd in het medicijnkastje, kun je er altijd direct bij en weten wij ook dat eventuele vragen, al beantwoord zijn. Dat werkt dus veel beter!

Doseren?

wat weegt mijn paard?

Schatten gewicht of meten? 

Bewaking groepsbelang doen mensen samen!

De sector bedenkt steeds nieuwe dingen die kunnen werken bij het  beschermen van gezondheid van paarden. Er is mestonderzoek en bloedonderzoek ontwikkeld en er zijn manieren bedacht om besmettingsdruk af te bouwen en dat staat niet stil. 

Natuurlijk begrijpt niet iedereen altijd gelijk hoe groot het belang daadwerkelijk is. Het verkopen en lukraak geven van pasta  was vroeger makkelijker en ging gewoon via de shop. Onderzoekjes regelen, door blijven gaan naar gerichter wormen en weidebeheer is uiteindelijk structureel belangrijker.  Dat begrijpt men beter, al naar gelang men meer bereid is te lezen en te luisteren naar de feiten. 

Daarbij bleek helaas wel dat verkoop van ontwormingsmiddelen voor paarden, dan uit de winkels gehaald moest worden en nu bij dierenartsen ligt waarbij 99% dat netjes zal gaan uit willen voeren.

Tevens weten we door al het testen steeds beter hoe de situatie per stal en ook per jaargetijde soms behoorlijk kan veranderen! Het heeft geen zin om in een ivoren toren te klimmen en te doen alsof weilanden overal op exact dezelfde wijze gevuld worden. Vele hectaren land per pony in Nederland, dat is een redelijk belachelijk onhaalbare gedachte.  Daar moeten antwoorden dus ook niet van uit gaan. Terug naar de oertijd zijn gedachten die gelukkig ook nog lang geen noodzaak zijn, om van heel gezonde paarden te mogen houden. 

Bij de werkelijk feiten willen gaan blijven, biedt namelijk een toekomstig meer realistische koers. 

Stuur deze uitleg door 

WhatsApp
Email
MEDISCHE KENNISBANK
Jouw kennisbank met informatie
Contact ?

Bij spoed: niet mailen of appen maar liever persoonlijk contact.

Indien geen spoed:

Spoed?

Géén APP/ SMS (doorgeschakeld)

Spoed?

Géén APP/ SMS (doorgeschakeld)